Tao-zen door Google’s Lens

✏️ NOTITIE bij Het gaat om het beseffen, toespraak mei 2026

De aanleiding lijkt wat triviaal – maar blijkt toch alom tegenwoordig: naar welke maatstaven wegen we onze omgeving. We doen immers elke dag niets anders: vastleggen waar we staan in de wereld, in de tijd: wat zegt de klok, hoe is het weer, hoe hebben we geslapen, is de koffie vanochtend soms minder zoet dan anders…
We willen houvast hebben.
En toen ik zo maar een foto nam van het dagelijkse gezichtsveld vanuit mijn stoel hier in onze huiskamer, kreeg ik na aanbieding van het plaatje aan Google Lens te horen: “De afbeelding toont een vintage fauteuil, die qua stijl lijkt op het model ‘Genius’ ontworpen door Illum Wikkelsø voor C.F.C. Silkenborg in de jaren 60.”
Krijg het nou helemaal, zit ik daar onnozel in m’n stoel… Ik blijk aan alle kanten vastgelegd en gedateerd!
Maar dat is dan alleen nog maar de vogel op het stokje. Want hoe zit het met de instincten – waar Maarten eindeloos naar vraagt – voelen ik me bijvoorbeeld opgejaagd? Of is er een zweem van seksuele aandrang…
Terwijl ik mezelf zo aan ‘t screenen ben, kwam de behoefte op verder te kijken door die A.I. bril.

Van de weeromstuit dood ik Google Lens bovenstaande video still aan, van de Tao-zen sessie van december 1999 – de ‘Milenniumsessie’ – en kreeg naar aanleiding daarvan het volgende te lezen:

AI-overzicht (hoe 'Google Lens' de foto bovenaan zag):

Deze afbeelding toont een groep mensen die bijeen zijn voor een meditatiesessie of bijeenkomst in een rustige binnenruimte.

Activiteit: De mensen zitten in een cirkel op de grond op kussens, wat gebruikelijk is bij Zen-meditatie of soortgelijke mindfulness-praktijken.

Sfeer: De focus ligt op stilte, observatie en aanwezigheid in het huidige moment.

Context: Dit soort samenkomsten kunnen deel uitmaken van een retraite of een reguliere groepspraktijk om innerlijke rust te bevorderen.
AI-overzicht
“Deze afbeelding toont een groep mensen in een klaslokaal die deelnemen aan een “Bewustwording door Beweging”-les van de Feldenkrais-methode, een vorm van somatische educatie die zich richt op het verbeteren van lichaamshouding en efficiënt bewegen door middel van zachte bewegingen en gerichte aandacht.

Doel:
Het vergroten van bewegingsgemak, flexibiliteit en coördinatie door het zenuwstelsel nieuwe manieren van bewegen te laten leren.
Lesstijl: Deelnemers worden vaak verbaal begeleid door zachte bewegingen, waarbij de nadruk ligt op voelen en denken tijdens de beweging, in plaats van op spierinspanning.

Oorsprong: De methode is ontwikkeld door Dr. Moshe Feldenkrais en is gebaseerd op principes van natuurkunde, biomechanica en neuroplasticiteit.
Locatie: Dergelijke sessies vinden plaats in groepsverband (Awareness Through Movement) of in individuele “Functionele Integratie”.

Hallo…

“Alleen de taoïstische meesters verwijzen naar dat manco van onszelf, dat we die oerenergie eigenlijk nauwelijks toelaten – en dat betekent dat we verhard buiten de stroom staan.
Ik heb me afgevraagd waarom het zo moeilijk is om in dit alles door te dringen, in dat nauwelijks meer in evenwicht zijn, waarom we dat vergeten zijn.
De enkele groeperingen, ook in China destijds, die zich hierin verdiept hebben, zijn vervolgd. En in het Midden Oosten zijn de Soefi’s zelfs gestenigd vanwege hun onderzoek.

Ik heb me afgevraagd of dat een betekenis heeft dat dat allemaal gebeurd is. En dat wij nu, vandaag, nog maar via enkele uitingen ervan kennis kunnen nemen”
Maarten Houtman, in ‘Het gaat om het beseffen’.

Maarten heeft wel eens gezegd, dat we met die meditatie van ons maar liever niet te koop moet lopen: de mensen zouden er toch niets van begrijpen – ze zouden het zelfs als een bedreigend kunnen ervaren…
In de bovenstaande passage vraagt Maarten zich af, waarom dat inzicht in onze menselijke natuur zo genegeerd wordt – terwijl toch het zo’n vitaal gegeven is…

In het verlengde daarvan: hoe zouden de mensen ons zien, als ze ons op die foto’s samen zien zitten?
Dat gaat dus over de ‘common sense’ – en ‘common sense’ is inmiddels voor afbeeldingen geheel gemechaniseerd in het AI product Google Lens.
Daarom legden we als proef op de som Google Lens twee opnamen voor van dezelfde sessie, die van december 1999 in Huissen:

‘Bewustwording door Beweging’
Afbeelding bovenaan, zónder Greet Wicart[1]

‘Innerlijke rust bevorderen’
Afbeelding hieronder, mét Greet Wicart

Video still van de ‘Milennium sessie’ van december 1999 in Huissen, met links Maarten Houtman en in het midden Greet Wicart.
DE COMPUTER IS kunstmatige intelligentie; hij kan leren, zichzelf corrigeren, schrijven, muziek componeren, enzovoort. De computer, de door de mens uitgevonden machine, verandert dus de samenleving. Hij verandert de structuur van het uiterlijke menselijke bestaan. Of je het nu weet of niet, is misschien van weinig belang, maar het vindt plaats; het gebeurt. Als de machine alles kan wat gedachten kunnen – goeroes, rituelen en goden bedenken, gedichten schrijven, een grootmeester in het schaakspel verslaan – wat is de mens dan? Dit is een belangrijke vraag die je jezelf moet stellen. Ik denk dat velen van ons zich niet realiseren in welke gevaarlijke staat we ons bevinden.
Krishnamurti in Bombay 1981, Lezing 6. Zie: Krishnamurti over A.I.

____________________
[1] Greet Wicart gaf de Feldenkrais lessen tijdens Tao-zen sessies.

Sitemap Tao-zen

Efficiency

Ik moet altijd denken aan Gandhi. Gandhi trok door India – dat weten we trouwens wel, zeker nu die film er is – en gaf de mensen die bij hem kwamen inderdaad niet meer dan vijf minuten. Maar dan was hij er ook helemaal! En dat was meestal voldoende.
We hebben het in het Westen altijd over efficiency, maar dit is efficiency. Dat is heel merkwaardig, dat is efficiency vanuit een heel andere hoek, namelijk vanuit de hoek dat je totaal aanwezig bent; dat je wat dan gebeuren moet ook helemaal bereid bent te doen. Er is niet nog een gedeelte van alle gisterens én een gedeelte van wat je nog wilt gaan doen.
Want daar zitten wij tussenin – en eigenlijk worden we altijd daar tussenin helemaal uitgetrokken. Want die twee dingen die trekken voortdurend aan je. Je bent dan weliswaar hier, op die plaats, maar dat komt dankzij het feit dat je én daar én daar tegelijkertijd bent, daar kun je niet tussenuit.
Terwijl je dan daar bent, niet met dat en dat eraan. En dus ook de gelegenheid hebt om ook dat en dat te doen. Dat je niet vastzit in het moment, dat je het moment dus ter beschikking hebt. En niet dat je eigenlijk gedwongen bent om in dat moment te zijn.

In het moment zijn, Eefde maart 1983 | Zondagmorgen

Hetzelfde

”Hetzelfde is nooit hetzelfde, want alles in het leven verandert en beweegt.

Hetzelfde in je herinnering, ja, dat is onbeweeglijk en dood. Je weet dat zaken en situaties in verschillende stemmingen er anders uitzien. Dat vind je heel gewoon.

Weer anders is het als je een beetje dromend buiten loopt. De bomen die je denkt te kennen zijn heel anders: ze hebben verhalen over wat de wind ze vertelt en ze verlangen naar de lente en de zomer als hun bladeren alles kunnen opvangen en doorgeven aan hun wortels, die diep in de grond de levenssappen opzuigen. Een en al leven en durende verandering.

Waar begint voor jou die veranderde beleving? Ik denk bij het gevoel dat wat je normaal waarneemt een bevroren momentopname is uit een onafgebroken verandering.
Eerst heb je dat gehoord of gelezen en gaat het langs je heen. Dan begin je te merken, midden op de dag, dat er opeens een ogenblik is dat alles anders lijkt.
Dat vergeet je weer, maar als het nog een paar keer gebeurt, ben je er attent op en begrijp je dat je in een onbekende wereld leeft waarvan je maar één bepaalde kant kent.
Dan komt er een levende rust over je waardoor je door alle haast en misbaar om je heen dat andere kunt beleven, dat niet van de tijd is. Dan is ook voor jou hetzelfde nooit meer hetzelfde.”
Maarten Houtman, Convocatie 4-daagse van 11-14 mei 2007 te Mennorode.

Sitemap Tao-zen
Bovenaan:  “Een bevroren momentopname uit een onafgebroken verandering…” 

Tao-zen, de weg van niet-dwang
19. Zonder haast


Nu is het er weer, dat onmiskenbare gevoel dat je erlangs glijdt, niet in staat om te zien, te voelen wat er is, wat gebeurt. Het lijkt wel of je altijd maar gedeeltelijk ademt, een klein beetje dat je net in leven laat, waar geen rust en vrede in is, alleen een onrustige gejaagdheid, een reiken naar wat buiten je bereik blijft.
Je herinnert je andere momenten van stil ademen en kijken – een rustig steeds verder doordringen in jezelf en daarmee in de wereld om je heen, die dichter om je heen is en tegelijkertijd wijder tot achter de horizon: eindeloze ruimte die niet beangstigt maar vrij maakt. Zonder overgang ben je terug in het jongetje van zes jaar aan de rand van het oerwoud, dat stil kijkt naar het dalen van de zon en het zich sluiten van de schemer waarin de schaduwen van daarnet zich al oplossen. De bewegingen van de dieren zijn langzaam en voorzichtig; het eerste koeltje trekt door de bomen, voorbode van het geheimzinnige donker van de nacht, waarin alles zich opnieuw rangschikt voor de volgende dag.
Het is een heel oud gevoel, een eindeloze herhaling, een beweging zoals in je hoofd: overwegingen, gedachten en verlangens, die afwisselen met voornemens en momentele waarnemingen die nauwelijks een plaatsje vinden – overheerst door dat onbestemde gevoel dat dit allemaal voorlopig is en nog zonder zin.

Zonder overgang sta je stil in jezelf – je adem wordt langzamer en dieper, je rust beneden, zoals je het jezelf in het za-zen geleerd hebt, maar nu eigener beweging, vanzelfsprekend – een noodzaak. Je merkt dat alles er is: de aandacht voor de geringste verandering in je en buiten je en al het andere, dat zich nu zonder elkaar te verdringen aan je voordoet.
Toch is alles heel gewoon, zoals altijd, alleen zonder haast, zonder de onrust voor het volgende moment. Je kijkt en luistert zonder schijnbeweging naar het volgende, dat er nog niet is, waardoor écht kijken en luisteren mogelijk wordt. Je aandacht is nu een beweging die ruimte schept door het ‘de tijd hebben’. Wat voordien opeengepakt, onontwarbaar door je heen trok, laat zich nu onderscheiden in details, die weer verwijzen naar bijzonderheden, waarvoor ook tijd is.
Zo stil in de wereld en in jezelf zijn, is de meest natuurlijke, zichzelf vervullende toestand, waarin alleen dat wat er is er toe doet.

Hoe komt het dat deze wijze van leven er zo weinig is?
Waarom ervaar je gewoonlijk via die lange omweg van voorstellingen óver, zonder dat het momentele zelf tot je doordringt?
Waarom leef je altijd in het volgende, terwijl het nu gebeurende zich in voorstellingen inkapselt om pas weer tevoorschijn te komen als het levende eruit is?
Ditzelfde gebeurt in alle mensen om je heen – leven in de verleden tijd, volgepakt, onduidelijk en gehaast.
Is het een wonder, dat we oorlog na oorlog hebben, uitbuiting, onderdrukking, armoede en honger?

Hoe keer je terug naar die wereld waar tijd en ruimte natuurlijke middelen zijn waardoor het tijdloze zich voltrekt, uitgaand en zich terugtrekkend als de adem, zonder misbaar over geboorte en dood? Waarin alleen ritme bepalend is, de wijze waarop dit uitgaan en zich terugtrekken plaats heeft. Je herinnert je misschien het moment voordat dit vanzelfsprekende weer over je kwam, dat moment van onopzettelijke aandacht. Als je je het nog bewuster maakt, weet je dat je toen stil en langzaam ademde en er geen drang voor het volgende was.
Dat kan dus: de situatie scheppen waarin het vanzelfsprekende weer tot je door kan dringen – je adem bewust maken en alles wat om je en in je is volledig tot je door laten dringen. Zo geleidelijk aan, door die steeds verder doordringende aandacht weer ruim en stil worden, luisterend, het juiste ogenblik om te doen.
Dat kan dus: de situatie scheppen, steeds opnieuw, in het za-zen en wat daarvan doorwerkt in je leven, zodat je ook het moment opmerkt dat het weer voorbij is, om van daaruit weer te oefenen, het oefenen van het langzame, diepe ademen en terug keren naar het ‘zonder haast’.

Vraag: Als werkelijk leven is zoals je beschrijft, waarom is ons bewustzijn dan zo volgepakt, ongedurig en gejaagd?
Antwoord: Ons bewustzijn is tot steeds grotere verzelfstandiging geëvolueerd, maar daarmee tevens tot steeds grotere afgescheidenheid gekomen, wat weer samengaat met waarnemen in fragmenten, die in opeenvolging de illusie wekken van beweging, maar die niet de eigenlijke beweging zijn van dat ‘wat vóór de vorm is’.
Door het za-zen word je zo stil en rustig en in jezelf gevestigd dat je de beweging van je bewustzijn zelf gaat opmerken en daardoor het rusten in je bekken kunt ervaren.
In die natuurlijke, ongehaaste toestand doet de wereld zich anders aan je voor: warmer, stralender, voortdurend overvloeiend van het een naar het ander, zonder onderbreking en – hoewel zich uitdrukkend in de vorm – toch volkomen los daarvan.

Vraag: Wat me zo opvalt is die nadruk op het sterven aan de gewone manier van leven, aan dat wat je bekend is, lief is en thuis doet zijn.
Antwoord: Zou je dat wat je lief is en thuis doet zijn vrijwillig verlaten? Je denkt pas hierover als je dat gevoel van thuis zijn niet meer hebt, is het niet? Of als je in de gewone wijze van liefhebben ook de schaduwen hebt opgemerkt; misschien momenteel zelfs helemaal in de schaduw en verlaten bent. Pas dan vraag je: wat is dit leven van mij? Vanwaar kom ik, waar ga ik heen en wie ben ik? Dát is een fundamentele wending; één die je niet gewild hebt, maar die je overkwam doordat het leven zo barmhartig was je het vergankelijke gevoel van ‘thuis zijn’ te ontnemen.
Zo begint de weg, niet eerder.

Vraag: Als de ontwikkeling van ons bewustzijn in de loop van duizenden jaren zo geweest is, dan hebben wij toch geen verantwoordelijkheid voor wat volgt uit dat afgescheiden leven?
Antwoord: Wij zouden geen verantwoording hebben, als er niet iets in ons was dat ons soms verbindt met al het zijnde. Die enkele momenten en de getuigenissen van de Groten, die vaak een religieuze beweging tot gevolg hadden, maken ons attent op die andere, meer verantwoordelijke, vanuit de verbondenheid komende wijze van leven.
Denk bijvoorbeeld aan die uitspraak uit de bijbel: vergeef het hen, want zij weten niet wat zij doen.
Heb je zo’n ervaring gehad, of heeft een uitspraak van zo’n héél (= heilig) mens je bereikt – en ben je je ervan bewust wat het inhoudt – dan heb je mét die bewustwording ook de verantwoordelijkheid op je genomen er naar te leven. Als er een doel is in ons zijn op aarde, dan is dat voor mijn gevoel een steeds meer bewustworden en er vanzelfsprekend naar leven.

Vraag: Betekent dit niet dat er bevoorrechten zijn die zo’n ervaring hebben, of die een getuigenis zo treft?
Antwoord: Je kunt er niet naar uitkijken of er gevoelig voor willen zijn. Het gebeurt of het gebeurt niet. Meer is er niet over te zeggen; maar iedereen die aan een of andere oefening gaat beginnen heeft er een vaag vermoeden van, al kan het ook zijn, zoals bij yoga, dat je het doet om iets te beheersen – dan heeft het niet met het voorgaande te maken.

Vraag: Betekent dit dat je je voor die ervaring niet kunt inspannen of eraan oefenen?
Antwoord: Eraan oefenen of je ervoor inspannen met een bepaald resultaat voor ogen, kan niet, omdat de eerste voorwaarde is dat je volkomen ontspannen bent, leeg en zonder doel.
Wel kun je door ‘aandachtig zijn’ te oefenen de situatie scheppen dat je vanzelfsprekend leeg en luisterend wordt, zodat zowel het omringende als het in je voortgaande ongestoord tot je kan doordringen. Die situatie is een voorwaarde voor het kunnen gebeuren.
Dat werken aan je houding en adem is gewone arbeid, die wel ervaarbare vruchten afwerpt, maar waarin die ongezochte overgang naar de echte integratie, buiten jouw toedoen niet begrepen is!
Dit is dus de scheiding tussen het gerichte oefenen óm iets te bereiken of het werken aan het scheppen van een situatie waarin het misschien kan gebeuren. Je moet jezelf dus wel afvragen of je daartoe bereid bent, anders breng je een stuk van je leven door met een oefening die voor jouw gevoel geen vrucht afwerpt.
Maar er zijn steeds mensen geweest, de eeuwen door, die geoefend hebben ‘om niet’ – ze konden het niet laten. Het zijn juist die mensen die ons de grote getuigenissen hebben nagelaten.

Soms voel je de beweging van je bewustzijn – de haast, de drang en ongedurigheid, de vertakkingen en associaties: zo veel.
Besef dat volledig en zonder opzet word je helder en leeg.
Er valt niets te bereiken, alles is er, onvoorspelbaar en onafwendbaar.
Denk erover en het vervluchtigt.

E-mail aan een leerling

✏️ NOTITIE bij Doordringen in het ongemanifesteerde, toespraak april 2026 
Sterrelaan 1998-2002 | 28 MEI 2001
Beste A.,

Dank voor je bericht. Er zijn verschillende mogelijkheden om de omstandigheden waaronder we mediteren zo te wijzigen dat we minder vanuit ons denken opereren.
Maar hoe goed we het ook indelen, als we niet alles wat in het zitten plaats heeft en in de pauze, onze volle aandacht geven, helpt het niet.
Meer zitten, minder praten, is een remedie vanuit je lichaam die pas na jaren werkt. Ze werkt zeker, maar blijft vanuit het onbewuste gestuurd.
Voor mij was ze te langzaam, zoals ook de Koan, die je door een ander wordt opgegeven.

Niet aflatend is het besef dat je niet alleen alles bent wat je halfbewust ervaren en tot je genomen hebt, maar nog meer dat andere, waarin je geboren werd en sterft als je lichaam mét al zijn ervaringen weer uiteenvalt, en alleen de flauwe herinnering aan het samenvallen met het gekende en het omvattende overblijft.
Dit is wel een lange zin, maar je kunt er geen woord van missen.

Is het eenmaal duidelijk dat je bewustzijn met zijn onrustige, vergankelijke basis niet veranderd kan worden, maar alleen bewust opgenomen worden in het andere, dat de schepping en alle werelden in stand houdt, dan word je vanzelf, zonder inspanning, op de weg gehouden.
Zelfs als je het een paar jaar vergeten bent, roept het je terug naar waar je opzij stapte.

Dit is een ervaring die in de loop der jaren steeds sterker wordt. Ze komt van de andere kant, buiten jouw inspanning om, die noodzakelijk van je tijdgebonden ‘ik’ is.
In crisis-situaties kan ze je ontvallen, maar één moment van niet-doen is voldoende om ertoe terug te keren.

Wil je het bij de eerstkomende Sterrelaan aan de orde stellen. Het is maar één vraag die je bij de hand kan nemen.

Dank je wel, en tot ziens, Maarten.

naar boven

De studie van het bewustzijn

✏️ NOTITIE bij De dodendans beëindigen, toespraak mei 2026 
“Echte meditatie is onderzoek van je bewustzijn.”
Zo begint Maarten Houtman zijn inleidende toespraak van de sessie van december 1990.
Maar was die ‘studie van het bewustzijn’ geen taak van de psychologie? Dat is al die jaren dat hij over dit onderwerp sprak, in zijn groepen een hardnekkig misverstand geweest. “Natuurlijk,” zegt Maarten, “verklaart de psychologie een heleboel. Dat is heel nuttig. Maar het gaat niet om te verklaren, het gaat om te ontdekken: wat drijft mij?”

Maarten geeft ons in die eerste toespraak enige aanwijzingen hoe we 's ochtends bij het wakker uit de diepe slaap, ons bewust kunnen worden van het onuitsprekelijke.
Dat lijkt voor ons, die al zolang onze onschuld verloren hebben, geen gemakkelijke opgaaf. In zijn toespraak van zondagmorgen signaleert hij de onrust daarover en zegt dan het volgende:

“Ik heb gemerkt aan de vragen dat het eerste wat bij bijna iedereen opkomt een ongerustheid is, van ‘wat is dat nou eigenlijk?’ en ‘wat betekent dat?’
Dat betekent dat je niet in staat bent om iets te bestuderen. Dat je veel te vlug een conclusie wilt. En dat heeft te maken met alles, niet alleen met je oefenen, maar met je hele leven. Het is een geesteshouding waarin het wezenlijke weinig kans krijgt om door te dringen.
Om te kunnen studeren heb je een kalme geest nodig, een geest die in staat is om dingen naast elkaar te laten bestaan; die niet altijd weer snel tot een conclusie wil komen over wat er gebeuren moet. Want als je snel tot een conclusie komt of tot een vermeende observatie, staat het proces waar het om gaat stil. Dat is natuurlijk het laatste wat we wensen, maar we doen het wel zo.”

Maarten Houtman, De studie van het bewustzijn, vijfdaagse december 1990

Exodus

✏️ NOTITIE bij Ergens bij stilstaan zonder erover te denken, toespraak april 2026 

Ove Knausgård wilde heel graag weten wie Anselm Kiefer was, omdat hij geen vat op hem krijgt: „Meer dan alle andere kunstenaars van onze tijd is hij zo’n kunstenaar, omdat zijn werk zo monumentaal is, zo geladen met tijd, zo beladen met geschiedenis, terwijl het private, kleine en persoonlijke ontbreekt.”

Exodus gaat niet alleen over de Holocaust; het gaat ook over grenzen en het idee dat grenzen illusies zijn. Ze zijn beweeglijk, geen realiteit. We proberen zelfs grenzen in de hemel te hebben, zoals we die ordenen met sterrenbeelden. Het gaat dus niet alleen over de uittocht van de Joden die Egypte ontvluchtten, maar over het algemene idee van verlossing en de migratie van mensen. Het is ook een persoonlijke uittocht, een ontsnapping aan jezelf.
Ik besta in alle tijd. We hebben onze menselijke tijd, tussen de zeventig en honderd jaar, en we hebben geologische en kosmische tijd. Ik ben in alle drie; ik kan ze niet van elkaar scheiden. Ik ben onderdeel van de rotsen en onderdeel van deze beweging; ik ben in de stenen en onderdeel van de erosie.”

Anselm Kiefer, in: The painting of history’ , interview in BOMB Magazine, maart 2023.

Bovenaan:  Trappenhuis van het Stedelijk Museum in Amsterdam tijdens Sag mir wo die Blumen Sind…’, de dubbeltentoonstelling met het Van Gogh Museum van het werk van Anselm Kiefer in 2025.

De huiver der ontsluiering

“Ik wilde proberen om jullie deel te laten hebben aan iets wat zich telkens in mijn leven in meer of minder versluierde vorm heeft voorgedaan, maar wat in de loop van mijn leven geleidelijk aan duidelijker is geworden. En wat misschien een hulp is om te beseffen hoe dat leven dat wij leven, ingebed is in een veel groter gebeuren dan we normaal waarnemen.” 

✏️ NOTITIE bij De val uit een lichtend weefsel, toespraak februari 2026 

Terwijl de kern van de nalatenschap van Maarten Houtman wordt gevormd door de rond vijfhonderd sessie-toespraken die tijdens zijn optredens geregistreerd zijn, richtte hij in 1988 een meditatiegroep op: het ‘Leerhuis aan de Sterrelaan’ [1], waarin de onderlinge dialoog centraal zou staan – en zijn inleiding daarmee naar de achtergrond verdween.
Maar al snel bleek dat de deelnemers die inspiratie node misten…
En zo begonnen de bijeenkomsten allengs weer met zijn vertrouwde inleiding – die hij weliswaar ‘kort’ wilde houden.
Deze keer neemt Maarten gelukkig alle ruimte voor zijn overrompelende vertelling ‘De val uit een lichtend weefsel’
En in de navolgende gesprekken wordt door de deelnemers uitvoerig en zonder gêne doorgevraagd, ze willen geen detail missen van dit visioen van bovenaardse proporties – iets wat je misschien maar eens in je leven langs ziet komen…
Hier zo’n benaderende vraag:

– Vraag: Is het noodzakelijk voor de bewustwording dat een wezen als de mens afgescheiden is, en wordt, van het grote kosmische weefsel.

– Maarten: Ja.

– Vraag: Is er geen andere manier binnen het weefsel.

– Maarten: Je kunt alleen zeggen aan de hand van wat je kunt zien uit de geschiedenis, dat dat een mogelijkheid is die benut is. Ik weet niet of je je zou in kunnen denken dat een andere manier mogelijk is. Maar als je de verslagen leest van mensen die gestorven zijn en zich daar niet bewust van zijn, dan lees je altijd weer dat ze aanlopen tegen het gegeven dat als je ergens aan denkt, je er tegelijkertijd bent. Terwijl wij een lichaam hebben. Als jij er bijvoorbeeld aan denkt dat je thuis iets vergeten hebt, dan blijf je toch hier zitten. Dus je hebt een bepaalde weerstand te overwinnen om thuis te komen. Maar dat geeft je tevens de gelegenheid om je bewust te worden.
Kijk, het is anders zo snel dat je geen weerstand hebt, zal ik maar zeggen. Bewustwording groeit toch doordat je weerstand hebt. Het Zensysteem heeft dat in extenso doorgevoerd door een geweldige weerstand op te roepen, waardoor je eigenlijk gedwongen wordt om je bewust te worden. Een van de dingen is het lange zitten, dat is om een geweldige weerstand op te roepen.
Maar het is inderdaad een vraag waar ik heel vaak voor mezelf nog mee gezeten heb: waarom is het noodzakelijk dat die afscheiding plaatsheeft. Want dat is eigenlijk jouw vraag. 
30 januari 2026, een waarnemer

____________________
[1] De eerste jaren werden de bijeenkomsten gehouden op de Sterrelaan in Hilversum, het adres van Epi van der Pol, die jarenlang Tai Chi Chuan lessen gaf tijdens de Tao-zen sessies.

Geheel boven:  Hana Mobach, ‘De Engel’, 2012-2013
Houtskool en Siberisch krijt op papier, 43 x 65cm. 

Je meest innerlijke weerstand

✏️ NOTITIE bij Niets doen als je wakker wordt, toespraak februari 2026

Zonder dat we het beseffen, verweren onszelf voortdurend tegen de wereld om ons heen.
Maarten Houtman

Waar gaat het nu om. Het gaat erom om je meest innerlijke weerstanden bewust te krijgen. Dat is dus geen panacee voor een of andere kwaal. Het is geen panacee voor de moeilijkheden die je hebt, die zijn allemaal erg onbelangrijk. Maar uitsluitend jouw meest innerlijke weerstand.
Die zullen voor ieder van ons net verschoven zijn, net iets anders zijn, maar ze zijn wel universeel. En als zodanig zijn ze niet persoonlijk. Ze komen neer op een groot complex, en dat is dat we zonder dat we het beseffen – en dat zeg ik er heel uitdrukkelijk bij: zonder dat we het beseffen – onszelf voortdurend verweren tegen de wereld om ons heen. Ook als die wereld niet aanwezig is, in de zin dat we thuis rustig bij onszelf zijn, dan is hij er ook. Maar wij verweren ons daartegen. Wij doen dat natuurlijk in de geest. Maar geleidelijk aan, in de loop van ons leven, dringt dat door in ons lichaam. En wij kunnen in ons lichaam die weerstanden registreren, als we inzien dat dat belangrijk is.

Maarten Houtman, Niets doen als je wakker wordt

Maarten in Mennorode

De Groenendaal-oefenzaal in Conferentieoord Mennorode in Elspeet, waar van augustus 2005 tot mei 2007 de laatste meerdaagse sessies van Maarten Houtman plaatsvonden.
Misschien herinneren jullie je nog dat Maarten Houtman in 2005 een tijdje in Verpleeghuis 'De Die' gelegen heeft in Amsterdam-Noord, nadat hij zijn knie gebroken had – hij was in het park van Molenwijk omvergereden door een paar jongetjes, die hem lieten liggen en er subiet vandoor gingen, elkaar toeroepend: “Wegwezen, we hebben h’m gemold…”
De geplande Zevendaagse van dat jaar in juli is toen afgelast, we troffen elkaar daarna weer op het weekend van augustus 2005 in Mennorode. De deelnemers ontvingen de onderstaande convocatie daarvoor:

“Er was eens een man die veel gruwelijke dingen had meegemaakt. Op een dag dacht hij: “Zo zit het in elkaar, ik zal er de mensen van vertellen.” Dat was natuurlijk heel aardig van die man. Misschien kon hij ze zo voor veel onheil behoeden. Maar hij vergat, door het zo-zit-het-in-elkaar, aandacht te geven aan wat dagelijks om hem heen gebeurde. Ook vergat hij te kijken naar hoe het om hem heen was. Het liep uit op een ongeluk. Toen hij bijkwam uit de verdoving in het ziekenhuis, langzaam, stukje bij beetje, leek alles nieuw. Ieder moment was kostbaar. Iedere ademhaling veranderde iets in zijn lichaam. Er kwam geen einde aan zijn verwondering. Als hij de mensen hier eens van vertelde, zó dat ieder op zijn wijze er mee verder kon…”
Maarten Houtman, Een vergissing, augustus 2005

Marten had in een eerder stadium al eens tegen z’n medewerkers van de Stichting gezegd: als jullie weer een boekje met toespraken van mij maken, kijk dan ook eens naar de recente toespraken – in plaats van de ‘old time favourites’, die voortdurend de revue passeerden.
De nieuwe kijk op zijn missie, waarvan hij in ‘Een vergissing’ gewag maakt, stelde dit in een nieuw licht – en roept onwillekeurig de vraag op, of we hiermee zijn voorafgaande werk aan de kant moeten zetten.
De ‘nieuwe Maarten’ die hij hier aan ons voorstelt, maakt je des te nieuwsgieriger en brengt je onwillekeurig bij de verzamelde sessies in Mennorode – de plek waar hij in mei 2007 afscheid van ons zou nemen als leraar.
Welke thema’s zou hij dat die drie jaar met ons behandelen? En hoe waren de gesprekken? Heb ik ik er nog persoonlijke herinneringen aan?
Dat zijn de vragen die zich aan je opdringen, in deze zoektocht naar het allerbelangrijkste…

PS Ook Maartens ‘Geschiedenis van de Tao-zen meditatie’ stamt uit deze zelfde tijd.